Nieuwe kerndoelen in het onderwijs. Binnenkort ook voor burgerschap. Wat betekent dat voor refoscholen?

Sinds deze zomer gelden op Nederlandse scholen nieuwe kerndoelen voor Nederlands en rekenen. Volgend jaar veranderen ook het vak burgerschap en digitale geletterdheid. Wat verandert er precies en hoeveel ruimte houdt een reformatorische school om onderwijs vanuit de eigen identiteit te geven?
Nederland is bezig met een flinke vernieuwing van wat kinderen op school moeten leren. Het curriculum werd voor het laatst in 2006 op deze schaal aangepast. Volgens het ministerie was het toe aan vernieuwing.
Sinds augustus 2026 gelden de nieuwe kerndoelen voor Nederlands en rekenen en wiskunde. Scholen krijgen een overgangsperiode om hun onderwijs volledig aan te passen.
De bedoeling is onder meer dat lezen, schrijven en rekenen weer nadrukkelijker als basisvaardigheden worden behandeld. Niet alleen tijdens de taal- of rekenles, maar ook bij andere vakken.
Maar daar blijft het niet bij.
Hier wordt het spannend: burgerschap
In een later stadium – vanaf augustus 2027 – volgen ook andere gebieden. Zoals digitale geletterdheid, sport, kunst en cultuur en moderne vreemde talen zijn nieuwe kerndoelen opgesteld. Scholen krijgen tot 2031 om hun onderwijs op de nieuwe doelen af te stemmen.
Ook rond burgerschap worden dan de doelen aangepast. Voor christelijke scholen is het daar het meest spannend.
Bij burgerschap moeten leerlingen onderwezen worden over de democratische rechtsstaat, over maatschappelijke verschillen en over de manier waarop mensen met verschillende overtuigingen samenleven.
De grote vraag is vraag: bepaalt de overheid straks ook wát een reformatorische school over levensbeschouwelijke of morele onderwerpen moet doceren?
Eigen identiteit blijft mogelijk
Diverse reformatorische onderwijsorganisaties hebben gezamenlijk de nieuwe kerndoelen geanalyseerd en gewogen. Ze komen tot de conclusie dat ze er in principe goed mee uit de voeten kunnen. Het wordt volgens hen niet ingevuld met 'seculier-liberale', zoals 'maximale individuele keuzevrijheid'.
Er wordt dus geen dwingende mal op reformatorisch onderwijs gelegd, met deze kerndoelen. Tegelijk maken de organisaties de kanttekening dat reformatorische scholen zich niet tot de kerndoelen moeten beperken, maar juist een rijker aanbod moeten brengen. 'De kerndoelen zijn geen complete leidraad, wel een checklist'.





















