Wanneer grijp je in als je huiselijk geweld vermoedt? „Aantal meldingen stijgt heel hard”

Sinds er wat meer openheid komt over huiselijk geweld neemt het aantal meldingen bij de verschillende kerkelijke meldpunten hard toe, weten Annelies van Panhuis (39) en Annemiek Pul (46). Ze zijn vertrouwenspersonen in de Gereformeerde Gemeente van Rhenen en vertellen wat een kerk kan betekenen voor mensen die te maken hebben met huiselijk geweld. „We zijn ons er niet genoeg van bewust dat het ook bij ons voorkomt.”
Annelies van Panhuis en Annemiek Pul zijn als vertrouwenspersoon aanspreekpunt voor kerkleden die te maken hebben met huiselijk geweld of seksueel misbruik. „Zowel slachtoffers als derden die zich zorgen maken over een gemeentelid kunnen terecht bij ons. Wij bieden een luisterend oor, denken mee en geven advies, als men daaraan behoefte heeft.
Wanneer het gewenst is, kunnen we meegaan of ondersteunen bij het doen van aangifte of andere gesprekken met derden.
We worden bijvoorbeeld weleens gebeld door kerkleden die zich zorgen maken over iets wat ze signaleren en graag advies willen. Hierbij weten ze dat het vertrouwelijk blijft.
Daarnaast hebben we een rol op het gebied van preventie. Daarom zorgen we ervoor dat we vind- en zichtbaar zijn. Zo bezoeken we bijvoorbeeld verschillende verenigingen, schrijven stukjes in de kerkbode, organiseren gemeenteavonden en spreken met mensen in de wandelgangen.”
Hoe gaat het als jullie contact hebben met iemand die te maken heeft met huiselijk geweld?
Annemiek: „Wij kijken altijd naar wat deze persoon wil. Bepalend is de leeftijd van de melder en de mate van het huiselijk geweld. Als er acuut gevaar dreigt, zullen we actie moeten ondernemen. Dat is de plicht van iedere Nederlander die weet heeft van zo’n situatie.
We doen dit bij voorkeur zo veel mogelijk in overleg met de melder. Als er geen acuut gevaar dreigt, zullen we vooral overleggen met de melder wat diens wensen zijn. Iemand die besluit te bellen, zet al een moedige stap.
Wij bieden allereerst een luisterend oor. Daarna zullen we samen met de persoon kijken wat hij of zij nodig heeft. Dit is niet altijd ingrijpen of aangifte doen. Het begint soms alleen met luisteren.
Het is vooral belangrijk dat de melder zelf mag bepalen wat de gewenste acties zijn, op welke manier hij of zij dit graag wil doen en in welk tempo. Dit kan dus inhouden dat er niet (meteen) iets gebeurt of verandert.
Omdat deze persoon al veel lijden ‘had te ondergaan’ is het nu juist belangrijk dat we hierin volgen en hem of haar regie geven.
Een duidelijke uitzondering is een situatie waarin er acuut gevaar is of de leeftijd van het slachtoffer vraagt om een volwassene die een keuze maakt. Maar ook daarin zo veel mogelijk in overleg.”
Verwijzen jullie ook weleens door?
Annelies: „Als het nodig is, verwijzen we zeker door. Bijvoorbeeld naar Veilig Thuis, de hulpverlening of de politie. We kunnen ook altijd een beroep doen op het Meldpunt SMRK (Seksueel Misbruik Reformatorische Kerken). Zij zijn heel laagdrempelig bereikbaar, denken anoniem mee en geven praktische handvatten.
Ook mensen die zelf in hun omgeving te maken hebben met onveiligheid kunnen het meldpunt SMRK altijd benaderen.”
Zoeken jullie weleens zelf contact met mogelijke slachtoffers?
Annelies: „Wij zoeken uit onszelf geen contact met mogelijke slachtoffers, aangezien we het belangrijk vinden dat een melder zelf de regie heeft in met wie hij of zij iets wil delen op welk moment.
Als mensen zich bij ons melden, kunnen we later in een traject wel contact onderhouden en daarbij initiatief nemen.”
Hoe vaak komt huiselijk geweld voor in de reformatorische gezindte?
Annemiek: „We kunnen daar geen cijfers over geven. In de afgelopen jaren komt er meer openheid en zien we dat het aantal meldingen bij de verschillende kerkelijke meldpunten heel hard toeneemt.
Dit laat zien dat het onze gezindte zeker niet voorbijgaat. We zijn ons er niet genoeg van bewust dat het ook bij ons voorkomt.
We hebben allemaal weleens een periode in het gezin dat alles wat op ons afkomt veel kan zijn. Juist dan is het belangrijk dat we omzien naar elkaar en er open over kunnen zijn. Het ‘gemeente-zijn’ met elkaar kan dan helpend en steunend zijn om de gezonde balans te behouden of weer terug te krijgen.
Helaas weten we dat dat niet altijd lukt en dat periodes van onbalans soms langer duren dan goed is. Dat maakt de drempel naar een onveilige situatie laag. We hopen dat het aandacht hebben voor deze kwetsbaarheid steeds meer ingezet wordt als kracht binnen onze gezindte.
Juist vanuit het gemeente-zijn kunnen we de verbinding houden met elkaar. We zien dat als een belangrijke vorm waarin ons christen-zijn tot uiting komt. Dat kan heel praktisch in het omzien naar elkaar en het zorgen voor elkaar door allerlei vormen van vrijwilligerswerk en door samenkomst binnen de kerk.”
Wat zouden jullie willen zeggen tegen mensen die te maken hebben met huiselijk geweld?
Annelies: „We hopen dat mensen die te maken hebben met huiselijk geweld de moed kunnen vinden om erover te gaan praten. De drempel kan enorm hoog zijn. Maar we gunnen iedereen die te maken heeft met onveiligheid iemand waarmee je het in vertrouwen kunt delen. Het is te veel om alleen te dragen.
Daarnaast is het belangrijk dat het stopt. Het is enorm moedig als je om hulp kunt vragen om het geweld te doorbreken.
Mochten er geen vertrouwenspersonen in de kerk of directe omgeving zijn of is die drempel te hoog, kunnen ze Meldpunt SMRK bellen. Dat kan geheel anoniem. Zij denken graag mee!”

















